Je bent ziek gemeld met een burn-out en ineens komen er formulieren, gesprekken en termijnen op je af. De wet verbetering poortwachter bepaalt wat jij en je werkgever samen moeten doen in de eerste twee ziektejaren. Het klinkt als bureaucratie, maar het is vooral een tijdlijn. En als je die kent, weet je precies wat er wanneer komt.
Kort antwoord: de wet verbetering poortwachter legt vaste stappen vast bij langdurig verzuim. In week 6 maakt de bedrijfsarts een probleemanalyse, in week 8 maak je samen met je werkgever een plan van aanpak, dat je daarna elke zes weken bespreekt. In week 42 meldt je werkgever je ziekte bij UWV, rond week 52 volgt de eerstejaarsevaluatie en uiterlijk in week 93 vraag je een WIA-uitkering aan. Je werkgever betaalt maximaal 104 weken loon door.
Waarom bestaat de wet verbetering poortwachter?
De wet bestaat om te voorkomen dat je twee jaar thuiszit zonder dat er iets gebeurt. Werkgever en werknemer zijn allebei verplicht zich in te spannen voor je terugkeer naar werk. UWV controleert achteraf of jullie dat genoeg hebben gedaan. Deed je werkgever te weinig, dan kan UWV een loonsanctie opleggen en moet hij langer loon doorbetalen. Deed jij te weinig, dan kan dat gevolgen hebben voor je uitkering.
Bij een burn-out voelt dat soms wrang. Je hebt rust nodig, en tegelijk tikt er een klok. Toch helpt het om te weten dat het proces niet gaat over snelheid, maar over aantoonbaar samen bezig zijn met wat haalbaar is.
De tijdlijn van de wet verbetering poortwachter
Dit zijn de vaste momenten, geteld vanaf je eerste ziektedag.
- Week 1. Je meldt je ziek bij je werkgever. Die schakelt de arbodienst of bedrijfsarts in.
- Week 6. De bedrijfsarts maakt een probleemanalyse. Daarin staat wat je beperkingen zijn, wat je nog wel kunt en wat de verwachting is.
- Week 8. Jij en je werkgever maken samen een plan van aanpak.
- Elke 6 weken. Jullie bespreken de voortgang en stellen het plan bij als dat nodig is.
- Week 42. Je werkgever meldt je langdurige ziekte bij UWV. Dit heet de 42e weekmelding.
- Week 52. De eerstejaarsevaluatie. Jullie kijken terug en bepalen de koers voor jaar twee.
- Rond week 88. Je krijgt bericht van UWV over het aanvragen van een WIA-uitkering.
- Uiterlijk week 93. Je vraagt de WIA-uitkering aan en levert het re-integratieverslag in.
- Week 104. De loondoorbetalingsplicht van je werkgever stopt. Dat zijn twee jaar.
Deze termijnen staan beschreven bij UWV en de Rijksoverheid. Controleer bij twijfel altijd de actuele stand, want regels rond verzuim en WIA veranderen regelmatig.
Wat staat er in het plan van aanpak?
Het plan van aanpak is het werkdocument van je re-integratie. Er staat in wat het doel is, welke stappen jullie zetten, wie wat doet en wanneer jullie evalueren. Bij een burn-out is dat doel in het begin vaak bescheiden, en dat mag. Rust en herstel kunnen het eerste doel zijn.
Let op dat er geen uren of taken in komen te staan die je niet aankunt. Wat in het plan staat, wordt de meetlat. Twijfel je of iets te snel gaat, zeg dat dan voordat je tekent. Hoe je zo'n gesprek aanpakt lees je in het gesprek met de bedrijfsarts.
Spoor 1 en spoor 2: wat is het verschil?
Spoor 1 is terugkeer bij je eigen werkgever, in je eigen of in aangepast werk. Spoor 2 is werk zoeken bij een andere werkgever. Vaak start spoor 2 in het tweede ziektejaar als terugkeer in je eigen functie onwaarschijnlijk lijkt. Dat voelt heftig, zeker als je nog aan het herstellen bent. Het betekent niet dat je ontslagen wordt, wel dat er breder gekeken wordt. Meer over de opbouw van werkhervatting staat in re-integreren na een burn-out.
Wat zijn jouw rechten en plichten?
Je hebt recht op loondoorbetaling, op een bedrijfsarts en op meedenken over je eigen plan. Je bent verplicht mee te werken aan redelijke re-integratie, bereikbaar te zijn voor afspraken en passend werk niet zomaar te weigeren. Wat passend is, hangt af van je belastbaarheid, en daar gaat de bedrijfsarts over. Niet je leidinggevende. Je werkgever mag ook niet weten wat je precies mankeert, alleen wat je wel en niet kunt. Meer over verzuim en verplichtingen vind je bij het Arboportaal van het ministerie van SZW.
En als je het oneens bent met de bedrijfsarts?
Dat gebeurt regelmatig, bijvoorbeeld als je vindt dat je te snel moet opbouwen. Je kunt dan een second opinion vragen bij een andere bedrijfsarts, of een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV. Dat laatste kost geld en tijd, maar het is een serieus middel als jullie er samen niet uitkomen. Vraag het op tijd aan, want de wachttijd kan oplopen.
Wat je concreet kunt doen: zet de negen momenten hierboven in je agenda, bewaar elk formulier dat je krijgt, en vraag altijd een kopie van wat er over jou wordt vastgelegd. Wil je weten wat er financieel gebeurt in die twee jaar, lees dan loondoorbetaling bij ziekte.